woensdag 27 november 2013

Zwarte Piet in de groep gegooid





Dinsdag 26 november kondigt het Ncvie aan dat Zwarte Piet onderwerp wordt van een groepsgesprek met ongeveer 30 organisaties. Doel is eenduidigheid over de vraag: Wat doen we met Piet? 


'Tradities veranderen van onder op' vertelt het Ncvie en nodigt vervolgens organisaties uit die het feest van boven af organiseren of daar mee te maken hebben. Een enquête lijkt me meer 'van onder af' bij voorbeeld.

Wellicht is dit groepsoverleg de manier om de internationale erkenning van het feest niet verder in gevaar te brengen. Geluk bij een ongeluk voor het Ncvie is dat de tegenstanders van Zwarte Piet op dusdanige schandalige en grove manier bejegend worden door de voorstanders dat daardoor de houdbaarheid van deze feestfiguur snel en sterk terug loopt.

zondag 15 september 2013

In welke Europese culturen kende men als eerste seizoenen?


In de Minoïsche en Myceense cultuur (ca. 3100-300 voor Christus) kent men al seizoenen. De jaargetijden werden voorgesteld als goddelijke personen. Er zijn aanvankelijk drie jaargetijden: zomer, winter en lente. De herfst verschijnt vanaf de vierde of vijfde eeuw voor Christus.

Jaargetijden
De eerste afbeeldingen van de jaargetijden dateren uit de vroege Griekse beschavingen van 600-480 voor Christus. De jaargetijden zijn afgebeeld en beschreven als vrouwelijke geesten. Deze `Horai' zorgen voor warm weer, regen, wind en vruchtbaarheid.

In de vijfde eeuw voor Christus krijgen ze ook attributen. De drie Horai staan afgebeeld op een vaas. Een draagt een bloem (lente), de tweede een omgeslagen mantel (winter) en de derde een tak met bladeren (zomer). In de vijfde of vierde eeuw voor Christus komt er een vierde Hore (herfst) bij. Deze draagt een druiventros.

Extra symbolen
In de derde en tweede eeuw voor het begin van onze jaartelling kregen ze ook meer attributen.

De lente kreeg een bloemenkorf, een enkele bloem, bloemenkrans in het haar, bloemenslinger en jonge dieren.

In de zomer is de Hore schaars gekleed of naakt met een korenschoof of een krans van koren in het haar.

De herfst wordt gesymboliseerd door druiventrossen, wijnranken en wijn.

De winter krijgt als attributen een haas, eend of zwijn. Dieren waarop in de winter gejaagd wordt.

Bronnen op aanvraag beschikbaar




vrijdag 30 augustus 2013

Welke goden horen bij de seizoenen in de zeventiende eeuw?


In de almanakken uit de zeventiende eeuw staan goden uit de klassieke oudheid zoals Bacchus, Ceres en Venus symbool voor de vier jaargetijden.

Goden
Zo staat de lente in de Comptoir-almanakken van 1654 en 1655 afgebeeld als Venus of Cupido. De god Ceres stelt de zomer voor en Bacchus de herfst. Voor de winter gebruiken de illustratoren een simpele oude man. Van de laatste is niet bekend of deze ook symbool staat voor een god.


Venus is de Romeinse godin voor de schoonheid en liefde. Bij de Romeinen is de maand april aan haar gewijd. Ceres is de Romeinse godin van de landbouw. Bacchus, god voor de herfst en de wijn. In de almanakken uit de zestiende eeuw noemt men Vastenavond of Vastelavond ook wel Bacchusdag, hoewel deze natuurlijk aan het begin van de lente valt.

Bronnen op aanvraag beschikbaar

donderdag 15 augustus 2013

Waarom heet dit seizoen zomer?


De namen van de vier seizoenen zijn afgeleid van Middelnederlandse woorden. Soms is de herkomst van de woorden onduidelijk. Voor de namen zomer en winter tasten we nog steeds in het duister. Er zijn wel ideeën..

Seizoenen
De herkomst van het woord zomer is onduidelijk. Waarschijnlijk is zomer afgeleid van zon, maar zeker is dat allerminst. 

De herfst is een verbastering van het Middelnederlandse `hervest'. Dit woord betekent oogst, denk maar aan het Engelse `harvest'. De herfst is de periode dat er veel geoogst wordt op het land.

De oorsprong van het woord winter is net als zomer onzeker. Het woord zou verwant zijn aan het Litouwse woord voor water en de Gallische woorden voor `wit' en `sneeuwtijd'. Maar ook een verwantschap met `wind' is niet uitgesloten.

Lente is waarschijnlijk afkomstig uit het midden nederlands en verwant aan het van het oud Engelse lenten en  het oud Hoogduitse lengizin en langez.  Deskundigen een verband met Langer en langer worden. In dit geval langer worden van de dagen.



donderdag 1 augustus 2013

Wanneer wordt het thema van de vier jaargetijden populair op schilderijen?


Het afbeelden van de jaargetijden wordt populair in de zestiende eeuw onder andere door de schilderijen van Pieter Bruegel de Oude (1526?-1569). Het thema verspreidt zich snel verder door kopieën en navolgingen van de oorspronkelijke werken.


Schilderkunst
Bruegel maakt voor het eerst een serie van zes grote schilderijen die de twaalf maanden voorstellen. In 1570 verschijnt ook een reeks prenten dit keer over over de vier jaargetijden. Lente en zomer naar tekeningen van Bruegel en winter en herfst van Hans Bol. De schilderijen en prenten zijn de voorbeelden voor veel navolgers.

Grimmer
Met name vader Jacob (1526?-1590) en zoon Abel Grimmer (1573-1619) specialiseren zich in afbeeldingen van de jaargetijden. In het bijzonder Abel produceerde tientallen reeksen schilderijen met de jaargetijden. Hij kopieerde op grote schaal de prenten van Bruegel en Bol. Ook Bruegel de Jonge zet de traditie van zijn vader voort. Deze kunstenaars zijn bepalend voor de beeldtraditie over de vier jaargetijden tot ver na de Middeleeuwen.

Bronnen op aanvraag beschikbaar


dinsdag 30 juli 2013

Waarom gaan automobilisten in 1974 met elkaar op de vuist?


De eerste keer dat in Nederland maximumsnelheden in het verkeer worden ingevoerd is op 6 februari 1974. 100 Kilometer wordt de maximumsnelheid op snelwegen. Wie te snel rijdt riskeert een bekeuring maar wordt ook door de medeweggebruikers gecorrigeerd.

Energiebesparing
Volgens de regering is de invoering van een maximumsnelheid van 100 kilometer nodig om het aantal verkeersdoden terug te dringen. In werkelijkheid is de maatregel waarschijnlijk ingegeven door de noodzaak energie te besparen.



Nederland krijgt in oktober 1973 te maken met een olie-embargo. Aanvankelijk gaat men op verzoek van de regering langzamer rijden. Borden voor de maximumsnelheid zijn nog niet nodig. Men houdt elkaar in de gaten. Dat gaat heel ver. Men gaat zelfs met elkaar op de vuist als er te hard gereden wordt. Als er berichten in de pers verschijnen dat het wel meevalt met de olievoorraad, gaat de snelheid weer vlug omhoog. Dan besluit de regering alsnog in februari 1974 de 100 kilometerlimiet wettelijk vast te leggen.

Bronnen op aanvraag beschikbaar

maandag 29 juli 2013

Hoe komt juli aan zijn 'bijnaam' Hooimaand?



De beeldtaal die hoort bij de verschillende maanden is waarschijnlijk afkomstig van de Romeinse Codexkalender, een kalender uit de vierde eeuw na Christus.


Middeleeuwse kunstenaars nemen de beelden voor de maanden over. De abstracte namen van de maanden krijgen zo een concrete invulling met beelden uit het dagelijks leven. De bezigheden die daarbij hoorden zag je in die maanden ook gebeuren.  

Tot in onze tijd is dat zo gebleven al ziet men de afbeeldingen vooral in ouderwetse boekjes over het weer en de kalender en in almanakken. Juli is nog steeds de hooimaand ook al is hooien in onze maatschappij veel minder belangrijk dan bijvoorbeeld vakantie.